Vanaf 18 juni is het Singelpark een kunstproject rijker. Een gemeenschapsproject welteverstaan, waaraan alle Leidenaars kunnen meedoen. Van Kade tot Zelfkant is een textielproject waarbij kunstenaars Sara Vrugt en Nina Mathijsen op traditionele wijze saai gaan maken: de stof die Leiden in de 17e eeuw rijk en beroemd maakte. Het thema migratie staat hierbij centraal, net als bij de andere kunstwerken in het Singelpark. Zonder de kennis en kunde van migranten had saai namelijk nooit gemaakt kunnen worden, en nog steeds zijn migratie en de textielindustrie onlosmakelijk aan elkaar verbonden. LeidsCement sprak Sara en Nina over hun ambitieuze project, het historisch productieproces en het belang van kennisoverdracht, verhalen en lokale urine.


Sara Vrugt: ‘De textielgeschiedenis van Leiden sluit erg aan bij mijn interessegebied, net zoals de sociale component. Al ruim vijftien jaar probeer ik met participatieve kunstprojecten een breed publiek te bereiken en een kwalitatief eindresultaat neer te zetten. Het gaat dus om zowel een sociaal als een artistiek element. Ik ben in Leiden terecht gekomen op uitnodiging van de werkgroep Kunst in het Singelpark, als onderdeel van de tentoonstelling Welkom in Leiden?!. Zij wilden mensen uit Leiden graag actief betrekken bij deze tentoonstelling, niet alleen als toeschouwers maak ook als mede-makers en -eigenaars. Zo kwamen ze bij mij terecht.’ 


Nina: ‘Ik maak als visueel ontwerper veel multi-disciplinaire  campagnes waarin sociaal activisme, eigenaarschap en bekrachtiging de thema’s zijn. De vorm dient daarbij de boodschap. Afhankelijk van wat een project nodig heeft maak ik werk wat daarbij past. Mijn persoonlijke interesse ligt al heel lang bij textiel, handwerk en erfgoed. Heel logisch eigenlijk om voor dit project in Leiden iets met die textielgeschiedenis te doen.’


LeidsCement: Wat is het aan textiel dat jullie zo aanspreekt?

Sara: ‘Hoe aanraakbaar en gewoon het is. Textiel is iets dat we allemaal dagelijks op ons lichaam dragen, het is dichtbij en het heeft heel veel verschillende mogelijkheden. Als materiaal heeft het een eigen wil. Je kunt niet bedenken: ik hang die lap zo en dan valt hij zus en zo. Dat lukt niet, een stof heeft zijn eigen karakter en voorkeuren. Ik vind het ook fijn dat je bijna alles uit de natuur wel kunt gebruiken om textiel van te maken. Daarmee is het heel divers, dat zie je terug in de manieren waarop textiel gebruikt en gemaakt wordt in verschillende culturen.’ 


Het is ook een kunstvorm die historisch door vrouwen wordt uitgevoerd, wat bijvoorbeeld in de schilderkunst veel minder het geval was. 

Sara: ‘Het ligt eraan naar welke periode je kijkt. Vele textielberoepen waren ook eeuwenlang aan mannen voorbehouden. In onze tijd heeft handwerken een connotatie met het huiselijke. Juist daarom  vind ik het mooi hoe textiel door vrouwen ook gebruikt werd en wordt als vorm van communicatie en zelfs verzet . Door patronen met een bepaalde betekenis van generatie op generatie door te geven bijvoorbeeldEr zijn ook voorbeelden van mensen die zakdoekjes borduurden met boodschappen erop om te communiceren tijdens oorlogstijd. Brieven kon je niet versturen maar textiel wel, want dat werd als een onschuldig vrouwending gezien.’ 


Dit project is duidelijk zeer historisch: zowel wat betreft het productieproces als wat betreft de Leidse textielgeschiedenis. Toch is het thema van Welkom in Leiden?! heel actueel. Hoe houden jullie die aspecten in balans?

Sara: ‘Voor mij is het thema van hoe we omgaan met arbeid en migratie in combinatie met de textielindustrie inhoudelijk de kern. Dat gaat over arbeiders van toen en nu. 

Nina: ‘Het lijkt alsof de lap stof in het middelpunt staat, maar uiteindelijk gaat het om de gemeenschappelijkheid. Het saai is een tastbare verbinding geworden tussen de makers ervan. Op 10 september bieden we de lap aan Museum De Lakenhal aan en ook dan staan de verhalen, de historie en de huidige situatie centraal. Wat ik er zo mooi aan vind is dat het allemaal om handwerk gaat, om skills. Dat gaat heel ver terug, het is erfgoed dat stilletjes aan verdwijnt en ik vind het belangrijk om het juist nieuw leven in te blazen.’


Hoe doen jullie dat? 

Nina: ‘Spinnen, weven, onderzoeken hoe je verft met beperkte middelen: dat legt een verbinding tussen nu en de geschiedenis. Wat onze moeders konden en hun moeders konden en hun moeders konden. Je hebt goud in je handen omdát je handen hebt. Ambacht wordt niet genoeg meer doorgegeven van generatie op generatie en ik vind het heel vet dat wij die geschiedenis nu kunnen eren.’ 


In jullie agenda staan alle historische productiestappen beschreven en het ziet eruit als héél veel werk. Is er wel eens een punt geweest waarop jullie dachten: dit gaan we niet redden?

Nina: ‘Bij mij niet zo zeer. Als ik op een trein stap maak ik ook die hele rit. Het is inderdaad heel veel werk en ik heb wel wat slaapgebrek, maar dit is wat we doen.’ 

Sara: ‘Mijn moment van ‘oh mijn god, gaat dit ooit lukken?’ was toen ik een gesprek had met mensen van stichting Leidse Deken. Zijn zijn experts op het gebied van spinnen en wezen ons erop dat de kracht die tijdens het weven op de kettingdraad komt te staan echt heel groot is. Wij gaan die draad spinnen met veel onervaren mensen. Als die draad niet goed is haal je jezelf verschrikkelijk veel frustratie op de hals. Dat moeten we allemaal in twee weken doen. We kunnen ook kettingdraad inkopen maar dat is niet handmatig gesponnenen het is niet de wol van ‘onze eigen schapen.’ Dat zijn dilemma’s, kiezen tussen historisch en haalbaar.’ 

Nina: ‘Het moet realiseerbaar zijn en daarin moeten we altijd keuzes maken.’ 

Sara: ‘We ontwikkelen een project waarbij we het onszelf ontzettend moeilijk maken. Het is niet erg als er af en toe is misgaat maar het moet wel binnen de perken blijven. Anders heeft niemand er iets aan.’ 


Kan iedereen zich aanmelden als deelnemers, ongeacht kennis of ervaring?

Sara: ‘Ja, en aanmelden is niet eens nodig. Als je via mail op de hoogte wil blijven van de voortgang, meld je zeker aan, maar als je het gewoon leuk vindt om af en toe te komen aanwaaien in het Singelpark dan is dat prima. We willen juist dat het voor iedereen toegankelijk is, van leek tot expert. We hopen dat mensen die al door de wol geverfd zijn hun kennis willen overdragen aan deelnemers die nog weinig weten.’ 

Nina: ‘Het is een participatieproject, voor iedereen. Vroeger waren de productiestappen van saai echt ambachten, specialisaties. Wij willen dat iedereen mee komt doen en gaan er vanuit dat niet iedereen kan spinnen of vollen of inspelen op de manier waarop het materiaal reageert. Het is juist belangrijk dat we dit met zijn allen samen kunnen realiseren.’ 


Op 18 juni worden jullie eigen schapen geschoren in het Rembrandtpark en daarmee gaat het project officieel van start. Hoe gaan jullie vervolgens aan de slag?

Nina: ‘Nog iets dat wij anders doen dan vroeger: in de 17e eeuw werd de wol voorgewassen op het schaap. De schapen gingen in bad om alle poep, zand en beestjes uit de vacht te halen. Dat is voor ons onhaalbaar, dus wij doen het iets anders. Als de schapen geschoren zijn wassen we, samen met de deelnemers, de wol in manden in de Singel.’ 

Sara: ‘Dat wordt een vies klusje maar daardoor laten we ons niet afschrikken. Net zoals het vollen, wat gebeurt met oude, rottende urine.  Het wordt een beetje vies en ongemakkelijk en dat is helemaal niet erg. Het maakt ons bewust van wat ervoor nodig is om een mooie lap stof te maken.’


Van Kade tot Zelfkant vindt de hele zomer plaats in een mobiel atelier dat zich steeds op verschillende plekken in het Singelpark bevindt. Bekijk hier de volledige planning.  

Maakproces in het Singelpark: 18 juni t/m 27 augustus

Eindpresentatie in Museum de Lakenhal: 10 september

Tentoonstelling van het saai: 11 september t/m 30 oktober

leidsCement

leidsCement

leidsCement is een nieuw online makersplatform voor nieuws, projecten en events voor de Leidse culturele sector.

Andere berichten

Anne van den Dool
september 19, 2022
Anne van den Dool
augustus 10, 2022
Anne van den Dool
juli 13, 2022