In vervolg op het makersmanifest dat twee jaar geleden is opgezet voor de cultuurnota is vorige week de ‘Makersbijeenkomst’ georganiseerd. De eerste aanleiding hiervoor waren de aankomende gemeenteraadsverkiezingen, maar ook het belang van onderlinge verbinding stond hoog in het vaandel. De culturele sector bevindt zich al twee jaar in crisis, organisatoren Mirjam Hensgens, Lot Vegter en Geert van der Velden vinden het tijd om gezamenlijk een geluid te laten horen richting de nieuwe beleidsmakers. Het is een klein gezelschap aan tafel is gegaan, maar wel een gezelschap dat duidelijk voor ogen heeft waar de sector behoefte aan heeft. Zichtbaarheid van makers, samenhang in de sector en behoefte aan afspraken op termijn staan hierbij hoog op de agenda.

Al snel kwamen de recente ontwikkelingen uit de sector op tafel. De gemeente wil meer onderlinge samenwerking en heeft daarom aangestuurd op het oprichten van de C6, een samenwerkingsorgaan tussen de zes grootste culturele organisaties en Cultuurfonds Leiden. Volgens sommige aanwezigen gaat deze benadering voorbij aan de makers. Cultuurmakelaar Guido Marchena spreekt dit tegen: de C6 is volgens hem juist bezig aan een meer structurele rol voor cultuur en alle aspecten daarvan in de stad, op een duurzame wijze. Cultuurfonds Leiden let er extra op dat bijdragen direct naar makers gaan en zo min mogelijk naar tussenpersonen.

Duurzaamheid is ook een probleem wat betreft de manier waarop geld beschikbaar is voor de sector. Rosa Allessie (DansBlok) als Pepijn Smit (PS|theater) laten beiden weten dat de subsidieregeling op de schop moet en dat makers zelf betrokken zouden moeten worden bij de herstructurering hiervan. De manier waarop geld beschikbaar is, is momenteel te impulsief en criteria zijn niet transparant en leunen teveel op de hoop dat marktwerking bij succesvolle projecten na drie jaar het stokje overneemt. Die termijn is te kort en past bovendien niet bij de onzekerheid van de huidige crisis.

Een ander blijvend probleem is huisvesting. Een groot deel van de Leidse cultuurgelden vloeit direct door naar vastgoed. Wat cultuurbudget lijkt, gaat zo richting stenen en niet richting inhoud. Dit is een probleem dat al jaren speelt maar vaak niet op de radar van raadsleden staat: tijd om daar verandering in te brengen op weg naar een meer structurele oplossing. Een voorbeeld van een schrijnend probleem is Podium de X dat dreigt te verdwijnen. De X is niet alleen een podium maar dient ook als oefenruimte voor beginnende muzikanten en vele andere creatievelingen. Er wordt gewerkt aan een peperdure nieuwe locatie, maar deze zou een veel kleiner oppervlak hebben en slecht toegankelijk zijn voor zowel publiek als makers. Dergelijke vastgoed plannen zijn leuk, maar zonder de expertise van de makers en productiehuizen erbij te betrekken, zijn deze gedoemd om te mislukken.

Een langetermij visie op het makersklimaat in Leiden, is naast deze vastgoedplannen dan ook nodig. Juist in de stad van Kunst en Kennis moet ruimte zijn voor experiment, voor cultuuronderwijs en voor ruimte om te creëren: zo houden we het culturele profiel van onze stad hoog en levend.

Als antwoord op de heersende problemen en de duidelijke behoefte aan structuur kwam uit de groep het idee voort om naast de C6 ook een overleg van makers op te richten met als werktitel C60. Ook groeit een plan om voor de nieuwe raadsleden zo snel mogelijk een bijeenkomst te organiseren waarbij ze kennis kunnen maken met de cultuursector. Juist verbanden leggen en een betere communicatie organiseren zijn punten waaraan we nu kunnen werken, als makers en beleidsmakers samen.

Ondanks de hoge nood in de sector viel er wel op dat de opkomst laag was en dat zich onder de aanwezigen weinig makers bevinden. De vraag moet gesteld worden: zijn de issues die op tafel liggen wel écht zo urgent of vinden de meeste makers het eigenlijk wel prima zoals het nu gaat? Het één hoeft het ander natuurlijk niet uit te sluiten, maar de vergelijking die Resi van der Ploeg (Museum De Lakenhal, Kunstroute) trok met een versie van dit overleg twintig jaar geleden spreekt wel boekdelen. Destijds waren ruim honderd makers aanwezig en leefde een veel groter gevoel van actie in de sector. Binnen de makersgemeenschap is eenieder steeds meer op zijn eigen territorium gaan zitten. Evenals de problemen die tijdens deze avond op tafel zijn gekomen zijn is dit probleem enkel op te lossen met samenhang en actie. Het begin is gemaakt, maar om als sector echt samen sterk te staan en een duidelijk geluid te laten horen is nog veel meer nodig.

Wil je op de hoogte gehouden worden van verdere ontwikkelingen? Meld je aan via mirjam@theaterinsblau.nl.

Sophie Jansen

Sophie Jansen

Andere berichten

Anne van den Dool
oktober 31, 2022
Anne van den Dool
september 19, 2022
Anne van den Dool
augustus 10, 2022