Hoe ziet de toekomst van het theater eruit? Die vraag is de basis van het onderzoek dat Simon Boer heeft gedaan voor de Veenfabriek. Zijn ontdekkingstocht op weg naar nieuwe technieken is vanaf 1 mei te zien in de ‘onderzoekssoap’ SIMONS LAB. Wij ondervroegen Simon over zijn bevindingen en de nieuwe rol van de theatermakers.

LeidsCement: Hoe kwam je in aanraking met de Veenfabriek?

Simon: Ik ben in 2018 afgestudeerd aan de Arnhemse toneelschool en ik kwam met De Veenfabriek in aanraking omdat zij daar lesgeven. In je derde jaar doe je het Veenfabriek-project en maak je kennis met hun karakteristieke manier van theater maken. Alles is muziek en alles kan, als je het maar erkent als onderdeel van de vorm. Bij dat project had ik zelf een muziekinstrument gebouwd, een soort theremin. Op basis van dat project ben ik door Joeri Vos gevraagd voor een stage. Het jaar daarna ben ik als Ontdekking uitgenodigd, een tweejarig ontwikkelingstraject binnen de Veenfabriek.’

In SIMONS LAB doe je onderzoek naar het theater van de toekomst. Ben je daarvoor geïnspireerd geraakt door het afgelopen jaar, waarin we als culturele sector opeens op zoek moesten naar nieuwe vormen?

‘Helemaal niet eigenlijk. Het gekke is, iedereen richt zich natuurlijk helemaal op online momenteel, maar ik vind online theater niet heel interessant. Theater is voor mij de gedeelde ervaring van het hier en nu. Met SIMONS LAB probeer ik juist het hier en nu van theater nog magischer te maken dan het nu al is.’

Zonder spoilers voor de serie: hoe doe je dat?

‘Ik sta met één been in technologie, daar ben ik een beetje een whiz-kid in, en met het andere gewoon in het theater. Daarbij zie ik heel erg de kloof tussen hoeveel er op technologisch front nog mogelijk is en hoe weinig daarvan we in het theater terug zien. Daarbij denk ik vooral aan games. In het theater moet alles stevig zijn, het moet werken en daarom worden er weinig risico’s genomen met bijvoorbeeld virtual reality of zelfs echte interactie waarbij het publiek rond kan lopen. Wat ik met SIMONS LAB probeer te doen is kijken hoe we de technologie van nu, met al zijn mogelijkheden en ook zijn risico’s, tóch in het theater kunnen inzetten. Theater is een medium waarbij alles zou moeten kunnen, dus waarom zouden we dat niet nu al doen?’

Als je dat doet ga je al snel richting andere mediavormen zoals games. Is het dan nog theater?

‘Het grote onderscheid is dat ik wel kunst wil maken. Candy Crush op je telefoon hoef ik niet naar het theater te brengen, daar is niks aan, maar je hebt ook games die van zichzelf heel artistiek zijn, een diepere laag hebben. In die zin zijn ze heel theatraal, met als voordeel dat theater hier en nu is, dus dat je er ook niet aan ontkomt. Je moet er doorheen en je doet het samen.’

Wordt de rol van de acteur daarbij kleiner of gewoon anders?

‘Eigenlijk ben ik op zoek naar manieren waarop ik de mogelijkheden voor acteurs nog groter kan maken, om acteurs nog meer ledematen te geven bij wijze van spreken. Met mijn beste vriend Joep Paddenburg heb ik op de toneelschool geprobeerd een soort cartoon-voorstelling te maken waarin iedere beweging heel groot was. Op de één of andere manier wilde het maar niet grappig worden. We bedachten om geluidseffectjes bij toe te voegen maar dat is eigenlijk niet te doen, want dan moet je wekenlang repeteren met een technicus erbij. Toen heb ik dus een afstandsbediening ontwikkeld waarmee we zelf tijdens het spelen 880 geluiden konden afspelen. Het resultaat was totaal virtuoos. Omdat we het zelf in de hand hadden konden we er live mee spelen en reageren op het publiek. Het is zoeken naar dingen die je normaal gesproken monteert maar die een acteur beter zelf in de hand kan houden. Ik probeer de onhandige delen onzichtbaar te maken en de inspirerende delen geef ik aan de acteurs om mee te spelen.’

Laten we eens kijken naar het theater van de toekomst, zeg over twintig jaar. Wat is dan het meest utopische beeld?

‘Mijn droom is sowieso dat het theater er dan nog is maar daar heb ik goede hoop voor. Er is zoveel langsgekomen dat het omver had kunnen werpen maar dat is niet gebeurd. Ik droom dat de techniek van games, vol risico’s, zijn weg naar het theater vindt. Zo krijg je ervaringen die heel betekenisvol zijn maar waarbij de verhouding tussen publiek en voorstelling een beetje op de schop gaat. Ik hoop gewoon dat er heel veel geëxperimenteerd wordt en dat we ons laten blijven inspireren door wat er mogelijk is.’

Is er ook een worst case scenario?

‘Over het algemeen zijn theatermakers hele harde werkers die opereren vanuit een passie. Ik zie niet voor me dat we als sector echt iets fout gaan doen, behalve misschien dat we te bescheiden zijn. We moeten voor onszelf opkomen en laten zien dat wat we doen écht iets waard is.’

SIMONS LAB is vanaf 1 mei gratis te bekijken via deze website.

Sophie Jansen

Sophie Jansen

Andere berichten

leidsCement
mei 15, 2021
leidsCement
mei 14, 2021
leidsCement
mei 13, 2021