Op 20 februari gaat in Scheltema Job in première, een Leidse opera gebaseerd op het Oude Testament, over een man die alles kwijtraakt behalve zijn geloof. Wij spraken componist Warner van Es over zijn derde opera.

Waarom heb je gekozen om Job tot opera te verwerken?

‘Job is oorspronkelijk een verhaal van rond 1200 voor Christus. De Joden hebben er wat ellenlange hoofdstukken aan toegevoegd, waardoor het in de Bijbel terecht kwam. Dat element heb ik er weer uitgehaald waardoor het oorspronkelijke verhaal zichtbaar wordt. Wat overblijft is dat er rond 1200 voor Christus een verhaal bestond over een man die een geloof had en daarmee in direct contact stond. En dat zonder dat er een monotheïstische godsdienst was, die moesten nog opkomen. Er waren dus ook geen bemiddelaars in de vorm van dominees of priesters om tussen de mens en het hogere te staan. Het is direct contact tussen een sterveling en het hogere, dat spreekt mij persoonlijk erg aan.’

God verschijnt dus ook in de opera. Hoe krijgt dat vorm op het toneel?

‘Het is best spannend om zoiets neer te zetten, je doet het bijna altijd fout. Een oude man met een baard kan niet. Is hij jong? Is het wel een man? We hebben geen idee. In deze opera heb ik dat opgelost door God door de hoogste vrouwenstem, de sopraan, en de laagste mannenstem, de bas, te laten zijn. De duivel is op zijn beurt een combinatie van de laagste vrouwenstem en de hoogste mannenstem.’

Hoe religieus is jouw interpretatie van het verhaal?

‘Religieus zonder kerkelijk te worden. We verbeelden dat dit soort geloof bestaat en dat het door de eeuwen heen bestaan heeft, ook zonder een kerk die het geïndoctrineerd heeft. Juist in deze tijd vind ik het interessant om het daarover te hebben. Er zijn heel veel mensen die recentelijk de kerk verlaten hebben omdat ze het niet eens zijn met hoe het er daaraan toe gaat, maar de vraag naar geloof blijft. Daar herken ik mezelf ook in.’

Is dit een opera voor een specifiek publiek of kan heel Leiden er iets uit halen?

‘Dat kan op heel veel manieren gaan uitpakken. In het oorspronkelijke verhaal wordt één kort zinnetje door Jobs vrouw Hagar gesproken: ‘Vervloek God en sterf.’ Ik heb de librettist gevraagd om de rol van Hagar even groot te maken als die van Job. Daarmee gaat het niet alleen om zijn geloof maar over hoe ze met zijn tweeën alle ellende volhouden. Vanwege wat er in de hemel gebeurt raken ze alles kwijt, waaronder hun kinderen. Dat is een hele heftige crux in de verhouding tussen Job en Hagar. Dat thema van verlies en volhouden is heel herkenbaar.

En het komt allemaal goed hè? Het is een raar soort sprookje waarin van alles gebeurt. Job beklaagt zich bij God, die verschijnt, spreekt ze toe en boem! – alles is weer in orde.’

Wat betekent de financiële steun van Cultuurfonds Leiden voor deze productie?

‘Die steun is heel belangrijk want die betekent dat we alles goed kunnen vastleggen op beeld en geluid. Ik heb jaren aan deze opera gewerkt, als we hem niet kunnen vastleggen hebben we vijf uitvoeringen in Scheltema en is het daarna voorbij.’

Sophie Jansen

Sophie Jansen

Andere berichten

Anne van den Dool
oktober 31, 2022
Anne van den Dool
september 19, 2022
Anne van den Dool
augustus 10, 2022